Het penitentiair verdriet van België

BAVO


27/10/2015, De Standaard

Kan ook de gevangenistanker gekeerd worden? Aan de hand van het nieuws van vorige week, valt een mooie synopsis samen te stellen die het gevangenisdorp haren terug naar af kan sturen. Eerst was er minister Koen Geens (CD&V) die in De Zevende Dag bijna onopgemerkt de bouw van kleine ‘detentiehuizen’ aankondigde – niet zonder in één adem te zeggen dat het gevangenisdorp Haren in rechte lijn naar de finish gaat.

Nog geen dag later koppen de kranten dat de stad Brussel een eis van de actiegroepen omarmt en een blokkade opwerpt aan de Keelbeekweg. Burgemeester Yvan Mayeur (PS) wil de afgelegen woonwijken Haren en Neder-over-Heembeek niet langer beschouwen als vuilnisbak en vraagt compensaties. Een dag of wat later versterkt ook het Gewest Brussel de barricade. Minister-President Rudi Vervoort (PS) wil eerst duidelijkheid of de vastgoedontwikkeling op de gevangenissen in Sint-Gillis en Vorst kan doorgaan.

Buurt, stad, gewest: één front?

Actiegroepen en buurtbewoners hebben evenwel weinig reden tot feesten. De Keelbeekweg is het symbooldossier geworden waarlangs de lokale en gewestelijke overheid nog enkele dingen gedaan willen krijgen. Het valt te betwijfelen of de stad en het gewest ook in de bres zullen springen in de strijd tegen stedelijke desintegratie en voor het behoud van groen. Nog belangrijker: zullen ze hun gewicht in de schaal werpen om een bedenkelijk penitentiair programma te keren?

Hoe dan ook komt het steekspel op de Keelbeekweg de federale beslissingsnemers goed uit. De discussie over Keelbeek houdt de wankele penitentiaire visie op humane detentie buiten beeld en schept verkeerdelijk de indruk dat Justitie en Regie der Gebouwen precies weten wat ze willen.

De meningen over het nut en voordeel van het gevangenisdorp Haren zijn meer dan verdeeld – niet alleen tussen voor- en tegenstanders. Ook binnen de coalition of the willing wordt er geduwd en getrokken aan het ontwerp. Het gevangenisdorp bulkt van compromissen: schaalvoordeel gecombineerd met kleinschaligheid, een totaalinstituut met een open afdeling, landschappelijke verweving binnen één perimeter, dienstverlening naar de buurt op een afgelegen locatie.

Critici gaan ervan uit dat het gevangenisdorp met 1.190 plaatsen voordeel schept voor de private ontwikkelaar. Het enorme volume stelt aannemer/eigenaar Cafasso NV (waar onder meer Denys NV deel van uitmaakt) in staat om tot een lucratief businessmodel te komen gespreid over 25 jaar. Hierbij wordt vergeten dat het gevangenisdorp evengoed schaalvoordeel schept voor de overheid.

Een eerste voordeel is dat het aanbod opleiding en werk in de gevangenis rendabel wordt gemaakt. Het aanbod wordt nu vaak geschrapt bij gebrek aan gewillige kandidaten. Toch zal in de praktijk de visvijver heel klein zijn. In het gevangenisdorp moeten immers evengoed alle verschillende soorten gedetineerden uit elkaar gehouden worden: zowel verdachten als veroordeelden, zowel mannen als vrouwen, zowel open als gesloten detentie, zowel geïnterneerden als uit handen gegeven jongeren.

Het belangrijkste schaalvoordeel voor de overheid is wellicht politiek. Met het gevangenisdorp kunnen ze zich concentreren op één strijdtoneel. In de bestuurlijke logica is het gevangenisdorp Haren al gebouwd. Na jaren parlementair en juridisch werk is beton gieten en bakstenen stapelen een kwestie van dagen. De beslissing is genomen. Het uitzweten van de actiegroepen is kinderspel. Stad en gewest moeten nog even bediend worden aan de kassa.

Politiek haalbare kaart

Kortom, het steekspel op de Keelbeekweg is een ideaal scenario voor een federale regering die, eenmaal op kruissnelheid gekomen, bereid is enkele noten te kraken. De hamvraag is wat ‘politieke moed’ betekent in de context van Haren. Het is één ding om buurtbewoners een gevangenisdorp door de strot te jagen. Maar hoeveel moed heb je nodig om keer op keer gedetineerden, personeel én eigen directies belachelijk te maken? Zowat iedereen in de sector noemt de kleinschalige detentiehuizen als hét model van de toekomst, maar niemand wil dit publiek gezegd hebben.

Nochtans heeft de N-VA, samen met Groen en SP.A, vanuit de oppositie jarenlang uitstekend voorbereidend parlementair werk gedaan om kleinschalige detentie met lokale verankering mogelijk te maken. Minister Geens heeft uiteindelijk de ban op het woord ‘detentiehuizen’ gebroken. De penitentiaire tanker is aan het keren. Ligt de politieke moed er nu niet in een gevangenisplan waar zogenaamd niemand heil in ziet weer op tafel te leggen? Minister Jan Jambon (N-VA) is verantwoordelijk voor de Regie der Gebouwen. Hij kan een belangrijke rol spelen.

 

Gepubliceerd in De Standaard, 27 oktober 2015, p. 37

Tags: Detention

Categories: Architecture

Type: Article

Share: