Ruimte voor humane isolatie

BAVO


2015, Psyche

De nood aan een meer humane isolatietechnieken in de kinderen en jongerenpsychiatrie kwam juli 2015 in de media. Tom Verhaeghe, ontslagnemend therapeut bij de afdeling Fioretti van PC dr. Guislain campus De Deyne in Zwijnaarde bracht een maatschappelijke discussie te weeg. Verhaeghe hekelde de eentonige aanpak van isoleren, sederen en medicaliseren en kon de machteloze positie van de kwetsbare jongeren niet langer aanschouwen.

Download PDF

De reactie van Jo Vandeurzen, minister van Welzijn, bleef niet uit met het bevel tot een zorginspectie. De resultaten van het inspectieverslag tonen heel wat tekortkomingen in de kwaliteit van de opvang. In de afzonderingsruimtes is bijvoorbeeld geen oproepsysteem aanwezig waardoor de kinderen en jongeren met de camera moeten praten om iets te vragen. De wanden van de afzonderingskamers zijn niet beveiligd en vormen een risico voor automutilatie.

De Gentse jeugdpsychiatrie kreeg ook de vraag van de minister om een remediëringsplan te presenteren. Zo is met het oog op zorg op maat nood aan meer vorming en opleiding voor personeelsleden. Patiënten moeten individueel begeleid en opgevolgd worden. Dat vraagt om voldoende overleg in team, maar ook de patiënt zelf moet hierbij betrokken worden.

Het uitwerken van passend zorgbeleid is echter niet mogelijk zonder ook een gepaste zorginfrastructuur te voorzien. Dat bleek tijdens de visievorming rond het psychiatrisch centrum van de toekomst opgezet binnen PC Caritas te Melle. In verschillende werkgroepen met artsen, directie, personeel én patiënten kwam naar voren dat de beschikbare infrastructuur voor isolatie niets anders toelaat dan de fel bekritiseerde trias van isoleren, sederen, medicaliseren.

Het determinerende karakter van de infrastructuur bij isolatie geldt niet alleen voor de afdeling voor jongerenpsychiatrie, maar evengoed in de algemene psychiatrie voor volwassenen. In elk geval dreigt het gevaar dat de ruimte-ervaring tijdens isolatie aanleiding is voor een tweede trauma. De isolatie grijpt immers plaats in een context van dwang en dit binnen een ruimte die vooral ontworpen is vanuit beveiligingsperspectief – niet vanuit de noden van de patiënt.

De vraag naar humane isolatietechnieken heeft hoe dan ook een belangrijke architecturale en ruimtelijke component.

Een eerste problematiek is de relatieve traagheid van architectuur ten aanzien van zorgvisies. De heersende zorgvisie loopt doorgaans vooruit op de beschikbare architecturale en ruimtelijke infrastructuur in de geestelijke gezondheidszorg. De goede bedoelingen van artsen en zorgpersoneel worden in de dagelijkse praktijk altijd beperkt en geleid door de beschikbare ruimtelijke infrastructuur.

Een tweede problematiek is de afwezigheid van innovatieve ontwerpkennis rond de architectuur voor geestelijke gezondheidszorg. Een handvol architectuur- en ingenieurskantoren monopoliseren de zorgsector sinds jaar en dag. Gegoochel met modetermen als ‘healing environment’ en ‘user-centred design’ verbergt doorgaans een gebrekkige voeling met wat leeft onder personeel en patiënten.

De beide problematieken vormen elkaars spiegelbeeld. Een dringende innovatie van het onderwerp is ondenkbaar zonder nieuwe ontwerpmethoden. Eerder dan user-centred design is het belangrijk dat de ‘gebruiker’ – personeel evengoed als patiënten – de mogelijkheid krijgt om zelf een actieve bijdrage te leveren aan het ontwerp.

Het opzet van de werkgroepen met artsen, directie, personeel én patiënten in PC Caritas was een experiment om het ontwerp van het psychiatrisch centrum van de toekomst in handen te leggen van de gebruiker. Zelf namen we de rol op van architect- bemiddelaar. In de sessies bleek dat er in de dagelijkse praktijk heel wat alternatieve technieken zijn om jongeren in crisis op te vangen.

De volgende gebruiken kwamen onder andere ter sprake:

– Stille ruimte: patiënten geven aan nood te hebben aan een (sacrale) binnen- of buitenruimte waarbinnen men zich kan afzonderen. Het gaat om een aangename plek die hen in staat stelt rustgevende prikkels te ervaren of concentratie te bewaren.

– Atelier voor vrije expressie: gebruikers geven aan tot rust te komen in een activerende ruimte waarbinnen zij zich creatief kunnen uitleven door bijvoorbeeld te boksen, sporten, tekenen, roepen, lopen, etc. Het gaat om een plaats die los staat van de georganiseerde therapiemomenten of dagactiviteiten.

– Open buitenruimte: een veel besproken techniek is om jongeren te laten weg rennen in de groene ruimte van een zorgcampus. Een omsloten buitenruimte met zachte grenzen (ruimte in maïsveld, paviljoen in bos of omsloten tuin) biedt mogelijkheden om jongeren gecontroleerd tot rust en/of beweging te brengen.

Opvallend is dat in elk gebruik inventief ingespeeld werd op de beschikbare ruimte. In aansluiting op de vraag van de minister is er nood aan een architecturale en ruimtelijke ambitienota met een uitwerking van alternatieve, humane isolatietechnieken in de jeugdpsychiatrie. De participatie van de patiënt in de visievorming, het ontwerp én het testen van proefopstellingen vergt tijd en inspanning, maar zal de succesfactor blijken.

Artikel gepubliceerd in Psyche, jaargang 27 (4), december 2015, uitgave van VVGG

Tags: Psychiatry

Categories: Architecture

Type: Article

Share: