Article

Waarom nog wedstrijden?

Gideon Boie


31/10/2019, De Standaard

Weg met architectuurwedstrijden? Na twintig jaar trouwe dienst dreigt het failliet van de Open Oproep-procedure, dat is de opmerkelijke stelling­name van Christophe Van Gerrewey naar aanleiding van de ontwerpwedstrijd voor het Design Museum in Gent (DS 25 oktober). Van Gerrewey doet de jury in zijn eentje over en komt tot de conclusie dat het architectenbureau ­Office KGDVS had moeten winnen. Het winnende ontwerp van het ­architecten­team met Carmody Groarke, Trans en RE-ST wordt weggezet als saai en al even wansmakelijk als menig kledingketen.

Van Gerrewey hekelt het niet erkennen van Office KGDVS als ‘de belangrijkste architecten van de Vlaamse gouden generatie’, waardoor ons landje ‘horden Japanse architectuurtoeristen’ dreigt mis te lopen. Klap op de vuurpijl is een groteske beschuldiging aan het adres van Leo Van Broeck, die in zijn rol van Vlaams Bouwmeester talentrijke collega’s desavoueert en nooit rekening houdt met de verlangens van de opdrachtgever. Hiermee veegt Van Gerrewey de vloer aan met de Open Oproep, net nu het regeerakkoord vraagt om terug te plooien op deze kerntaak.

Kwalijk is de suggestie dat de Vlaams Bouwmeester zomaar naar believen opdrachten uitdeelt. Wie bekend is met de Open Oproep weet dat de Bouwmeester optreedt als adviseur en de opdrachtgever het zeggenschap behoudt over de finale keuze. Het gewicht van de Bouwmeester ligt eerder in het opstellen van een longlist (10-tal) en een shortlist (3 à 5) van architectenbureaus die met elkaar in competitie gaan. Welk bureau uiteindelijk met de opdracht gaat lopen, maakt in principe geen verschil voor de Bouwmeester. Als het Design Museum een foute winnaar verkoos, dan heeft het dat aan zichzelf te danken.

De beschuldiging van favoritisme raakt de kern van het Bouwmeesterschap. De functie werd in het leven geroepen om de keuze voor een architect te professionaliseren. De inzet was om de architectuuropdracht van publieke overheden los te weken uit de sfeer van politieke vriendendiensten. De ietwat gratuite suggestie dat de finale selectie voor het Design Museum gebeurde op basis van ‘niet-architecturale redenen’, lijkt een amechtige poging om de Bouwmeester in een kwaad daglicht te stellen.

De Bouwmeester richt zich op de realisatie van voorbeeldprojecten die getuigen van ‘goed opdrachtgeverschap’ en kansen biedt aan ‘kwalitatieve architectuur’. Een logisch gevolg is dat er zich een scene ontwikkelde van voorbeel­dige architecten, die veel, zo niet alles te danken hebben aan de lijstjes van de Bouwmeester en inderdaad het mooie weer maken op internationale fora. De verdachtmaking over de niet-keuze van Office KGDVS toont hoe deze ­scene bevroren wordt in een canon. Als er een failliet van de Open Oproep dreigt, is het wel in de bevestiging van een canon waarvoor wedstrijden, jury’s en bouwmeesters overbodig geworden zijn.

Gepubliceerd in De Standaard, 31/10/2019

Categories: Architecture

Type: Article

Share: