News | Show all
17/10/2017

Verslaafd aan architectuur

Een artikel over de betekenis van de Biertempel discussie voor de architectuurcultuur in België

05/10/2017

Wafels, bier en architectuur

Een artikel naar aanleiding van de herbestemming van de Beurs in Brussel tot biertempel naar ontwerp van Robbrecht & Daem Architecten.

18/09/2017

Creatio ex nihilo

Column #1 over de oorsprongsmythen van de architectuur

03/08/2017

Zorg dragen voor architectuur

Artikel over gebruik en postproductie in de architectuur naar aanleiding van het Jozef Plein in PC Cartias (Melle).

20/06/2017

Do Good architectuur

Artikel over de rol van ontwerp in zorgarchitectuur.

18/03/2017

Sprak er iemand over healing environment ?

Lees hier over de bijdrage van Charles Jencks en de postmoderne architectuur aan de ontmanteling van de kliniek.

22/02/2017

Pic Nic Architectuur

Een retroactief manifest voor Pic Nic the Streets als bijdrage aan de architectuurcultuur in België. Version Française

13/02/2017

Wraak op de commons

Een artikel over het nakende einde voor Agrocité en de toekomst voor architectuur onder zelfbeheer.

03/02/2017

Architectuur van de schaamteplek

Wie grip wil krijgen op de problemen van in psychiatrische ziekenhuizen, begint bij het ontwerp van de isolatiekamer.

22/12/2016

Van Utopia naar Wuustwezel

Er zijn weinig termen die zo’n beladen betekenis hebben in de architectuurgeschiedenis als utopie. Version Français

21/12/2016

Relational Architecture

Read about the production proces of the Kanunnik Petrus Jozef Triest Square in the Psychiatric Centre Caritas, Melle. Article in DutchEnglish / French

12/12/2016

Hoeveel samenwerking kan architectuur verdragen?

Artikel over de tentoonstelling 'Ensembles. Architectuur en Ambachtschap' in deSingel en Vlaams Architectuurinstituut.

15/10/2016

Bouwstenen voor het psychiatrisch centrum van de toekomst

Lees meer over de visieontwikkeling rond het psychiatrisch centrum van de toekomst gepubliceerd in Psyche.

03/10/2016

Eco-politiek in Brussel: Bas Smets en de Brussels Urban Landscape Biennial

Artikel over het nut en nadeel van landschapsarchitectuur als instrument voor regionale ontwikkeling in Brussel.

28/09/2016

Architectuur vol van verlangen

Artikel naar aanleiding van de opening van het Kanunnik Petrus Jozef Triest Plein in Melle.

26/09/2016

(Re)Politicize!

Proud to present the A+261 issue on architecture and politics - Dutch and French edition.

21/09/2016

Architectuur met schaduw

De 20ste eeuw baarde vele duivelspacten tussen architectuur en politiek. Opvallend genoeg wordt de architectuur van het Italiaanse fascisme tot op vandaag geprezen omwille van haar abstracte vormentaal. Dergelijke rehabilitatie is de architectuur van het Derde Rijk nooit te beurt gevallen. België heeft zo zijn eigen kleine trauma in de relatie met de politiek.

24/06/2016

Ingebedde architecten

Lees meer over de architectuur van oorlog en vrede

07/06/2016

Vakmannen aan het front

Een recensie over de bijdrage van Bravoure in de Architectuurbiennale van Venetie.

04/06/2016

Toiletemmers in Werelderfgoed

Er is iets curieus met de inrichting van de gevangenis van Merksplas, waar enkele weken geleden een opstand uitbrak. De geschiedenis van de site reflecteert een utopisch beeld van de gevangenis van de toekomst, de manier waarop omgegaan wordt met die geschiedenis symboliseert dan weer de gemiste kansen.

04/12/2015

FPC Gent: geen markt, geen gevangenis

De opening van het Forensisch Psychiatrisch Centrum in Gent zorgt na één jaar werking voor een grote opluchting - zelfs bij voormalige critici. De juiste vraag is niet of aanvankelijke bezorgheid terecht was, maar wel of de opluchting niet een beetje voorbarig is? 


28/10/2015

Het penitentiair verdriet van België

In de bouw van het gevangenisdorp Haren vormen de lokale en regionale overheid samen front met de actiegroepen tegen de federale overheid - of toch niet? Hoe kunnen we de knoop tussen activisme en politiek ontwarren?

23/10/2015

Een psychiatrisch centrum bouwen we samen

Ook architectuur heeft zijn plaats op de Vlaamse Hersteldagen. Doe mee op 18 november in de Vooruit.

01/09/2015

Eindelijk een kennisplatform voor humane gevangenisarchitectuur

De website www.prisongear.be presenteert het onderzoek naar een humane gevangenisarchitectuur.

07/04/2015

Ontmanteling van de psychiatrische kliniek

Lees de gevalstudies over zorgarchitectuur in Vlaanderen gepubliceerd in Psyche

22/10/2014

Een sterke leefomgeving begint met ruimteregie

Wat deelt een onafgewerkte verkeersinfrastructuur in Godsheide, een vervallen vierkantshoeve in Grote Spouwen, een gesloten mijnkatedraal in de Eisdense Tuiwijk en een geplande gevangenis op Domein Riegersvliet?


21/08/2014

Wie is er bang van het Bouwmeestercollege?

Iedereen lijkt het roerend eens dat de Vlaamse architectuur zonder de Bouwmeester overgeleverd is aan de wetten van de markt en de willekeur van het politieke bedrijf. Lees de opinie 'De Bouwmeester en de onheilsprofeten'.

20/12/2013

A humane prison is coming to your neighbourhood

As part of the Conflict & Design Triennial the knowledge platform Prison Gear presents design studies that pave the way for a humane prison in Leopoldsburg, Belgium.

16/12/2013

Een humane gevangenis komt naar je toe

Als onderdeel van de Conflict & Design Triënnale presenteert Prison Gear twee visieontwerpen voor de toekomstige gevangenis op het militaire domein Reigersvliet in Leopoldsburg.

09/10/2013

Limburg City / Stad Limburg

Read the memorandum of the Limburg Europa Workshop / Lees de projectnota van Atelier Limburg Europa

15/09/2013

The dismantling of the psychiatric clinic

Read the case studies on care architecture in Flanders

21/08/2013

Wat is ontwerpend onderzoek?

Drie vragen over ontwerpend onderzoek, drie antwoorden vanuit de Noorderkempen.

10/04/2013

Heeft een gemeenplaats ook een gemene waarde ?

Commentaarstuk bij het Architectuurboek n° 10: Radicale Gemeenplaatsen - Europese architectuur uit Vlaanderen

03/02/2013

Is onzichtbare psychiatrische zorg mogelijk?

Review van de opstart Pilootprojecten Zorg door de Vlaams Bouwmeester

06/11/2012

Limburg heeft ambitie / Limburg has ambition

Presentatie van de Startnota Provinciaal Bouwmeester Limburg / Presentation Initial Memo Limburg Government Architect

12/10/2012

Hoeveel vernieuwing kan de gevangenis verdragen ?

Lees hoe de modernisatie van de gevangenisarchitectuur in handen van Stéphane Beel begon en eindige bij het Ducpétiaux-model.

12/07/2012

San Gimignano aan de Zenne

Lees de column naar aanleiding van de Keukentoren van XDGA

11/04/2012

Sociaal-realisme of zelfcensuur

Met Jonas Staal schreef BAVO een pleidooi voor een nieuw sociaal-realisme in de kunst. Sociaal-realisme is broodnodig in het tijdperk van de hysterische reproductie.

21/02/2012

Nu ook een schreeuw om architectuur!

Niet occupy-en, maar de gevestigde orde verleiden om in crisistijden te investeren in leuke projecten. Lees hier meer over de Studio for Unsollicited Architecture.

20/01/2012

Gesloten architectuur is ook humaan

Lees meer over Fleur Agema's gevangenismodel

21/11/2011

Waarom kunstenaars niet fascistisch genoeg zijn

Lees het artikel in het decembernummer van Rekto:Verso.

12/09/2011

De Culturele Elite

Lees de bijdrage.

29/08/2011

Artist Participation in South Africa

The international PR campaign to showcase Rotterdam's robust policy on artist participation is now also tapping into the emerging African art markets.

17/06/2011

Denkverbod op liberale kunst

Column over de stellingenoorlog naar aanleiding van de aangekondigde bezuinigingen in de cultuursector.

07/06/2011

Maak liberaal kunstbeleid liberaal

Lees BAVO's advies aan staatssecretaris Zijlstra met betrekking tot de noodgedwongen keuzen die de cultuursector in Nederland te wachten staat.

18/03/2011

International promotion campaign of the Office for Artist Participation kicks off

The City of Edinburgh will be the first to host an international promotion event of Rotterdam's innovative cultural policies for enforcing the participation of artists in heightening a city's competitiveness and securing social peace on the local level.

28/02/2011

Culture and Contestation

The essay 'Neo-Liberalism with Dutch Characteristics: The Big Fix-Up of the Netherlands and the Practice of Embedded Cultural Activism' is published in the book volume 'Culture and Contestation in the New Century'.

19/01/2011

Art and Activism

BAVO's essay 'Artists... one more effort to be really political!' is published in the volume 'Art and Activism in the age of Globalisation'.

20/10/2010

Boek verschenen: Too Active To Act

Het boek biedt een kritische analyse van de maatschappelijke betrokkenheid van culturele actoren in Nederland in de afgelopen tien jaar.

THE UNCREATIVE CITY

Pleidooi voor een oncreatieve stad - over Rotterdam (MetropolisM versie)

project: THE UNCREATIVE CITY

date: 24/03/2009

author: BAVO

source: MetropolisM

status: article

1. Rotterdam creatieve hoofdstad: een geval van zelfkolonisatie.

Om mee te dingen naar de titel ‘Creatieve hoofdstad van Nederland’ trekt Rotterdam op dit moment alle registers open. Hele wijken gaan met dit doel op de schop, pilotprojecten worden gelanceerd, internationale evenementen gehost, toptalenten aangetrokken, et cetera. Houdt dit soms verband met de oproep van J.P. Balkenende om een nieuwe VOC-mentaliteit te kweken? Het gedoe rond creatieve steden toont in ieder geval aan hoe een hernieuwde kolonisatiedrift zich vandaag manifesteert ten aanzien van het eigen stedelijke gebied: ‘oncreatieve’ bevolkingsgroepen worden uit hun vertrouwde omgeving gezet, en nieuwe ‘creatieve’ bevolkingsgroepen worden geïmporteerd, met het oog op hun voorbeeldfunctie. Elke wijk wordt gezien als een potentiële bron van creativiteit die maximaal moet worden benut. In het creatieve tijdperk is het dus de Nederlandse stad die zichzelf koloniseert.

Het mag duidelijk zijn dat de huidige make-over van een stad als Rotterdam tot een creatieve topstad vooral schatplichtig is aan een neoliberaal discours en competitiemodel. Eén van de moeilijkheden die we daarbij tegenkomen is het feit dat het huidige project van een creatieve stad het hele maatschappelijke speelveld in zich probeert op te nemen. Niet alleen integreert zij economische spelers – door middel van publiekprivate samenwerkingsverbanden –, ze absorbeert tevens de sociaalactivistische en culturele wereld door zich te bedienen van termen als creativiteit, bottom-up, participatie, authenticiteit, zelforganisatie, enzovoorts.

Volgens ons kan de ‘heilige alliantie’ rond het project van de creatieve stad alleen ontmanteld worden door de tegenstrijdigheden bloot te leggen die zij produceert. Op die manier kunnen de onuitgesproken randvoorwaarden van de huidige hype rond de creatieve stad aan het licht komen – namelijk dat het gaat om het aftappen van een specifiek soort creativiteit, van bepaalde groepen in de samenleving, voor bepaalde doeleinden. Wij willen hier de vraag stellen hoe we kunnen nadenken over een alternatieve invulling van ‘creativiteit’, een die het stempel ‘progressief’ waard is.

2. Terwijl Rotterdam de zelfredzaamheid predikt, pampert zij de creatieve klasse.

Een eerste tegenstrijdigheid die creatieve steden niet kunnen verdoezelen is de combinatie van een filosofie van ‘niets doen’, en een vernieuwd geloof in de ideologie van maakbaarheid. Neem bijvoorbeeld de manier waarop Rotterdam met een project als ‘Groeibriljanten’ het initiatief compleet uit handen geeft. Voor dit project wordt elke Rotterdammer opgeroepen de ‘kansen’ in zijn buurt te inventariseren en in de vorm van een project verkiesbaar te stellen. Voor het meest populaire project, zoals het Deliplein op Katendrecht, wordt dan een aardige pot subsidiegeld gereserveerd die de betrokken, lokale partners (onder andere het ontwikkelingsbedrijf Rotterdam, deelgemeente, lokale kunstenaars) in staat moeten stellen om deze kansen echt te verzilveren. Daarnaast stelt de gemeente Rotterdam ook voor een schijntje leegstaande panden ter beschikking aan tijdelijke, culturele initiatieven. Organisaties als WORM@VOC of Now & Wow namen hun intrek in oude pakhuizen onder de voorwaarde dat men buurtactiviteiten faciliteert. Kortom, de gemeente Rotterdam laat de invulling van de stedelijke ontwikkeling meer en meer over aan spontane, creatieve initiatieven die zich van onderaf aandienen.

Wat deze ver doorgevoerde ‘ruimtelijke ontvoogding’ dubieus maakt, is dat ze plaatsvindt in de marge van een eenduidige, stedelijke politiek, waarin de Rotterdamse overheid met kant-en-klare totaaloplossingen hele stukken van de stad aanpakt. Als onderdeel van het project ‘De Dichterlijke Vrijheid’ bijvoorbeeld, schonk de gemeente Rotterdam in de zogenaamde probleembuurt Spangen een heel bouwblok, het Wallisblok, aan jonge, creatieve mensen. Dit geschenk aan de nieuwbakken huiseigenaars – van wie verwacht wordt dat zij hun pand opknappen en zo een nieuw élan brengen in de buurt – werd mogelijk na eerst de huidige eigenaars uit te kopen. Een ander voorbeeld is het nieuwe Lloydkwartier dat momenteel in aanbouw is. Dit moet een woon/werkoase worden met circa tweeduizend woningen in het duurdere segment van de woonmarkt, alsook de toekomstige thuishaven van een nog te importeren filmindustrie, waaraan stadsmanagers de magische kracht toekennen om de verloren balans in het getergde Delfshaven te herstellen.

Deze eenzijdige inzet op de creatieve klasse mag dan wel verantwoord worden onder het mom van een herstel van een gelijke verdeling van inkomensgroepen in Rotterdam, de praktijk toont aan dat het tegenovergestelde het geval is. Alle projecten voorzien stuk voor stuk in exclusieve woonwerkmilieus voor specifieke doelgroepen zoals kunstenaars, ontwerpers, ICT-nerds, managers, yuppen en zelfs CEO’s – elk naar eigen maat en smaak. Het nieuwe Lloydkwartier zal ongetwijfeld het sociaaleconomische profiel van Delfshaven statistisch opkrikken, dit neemt niet weg dat het een monolithische enclave voor de bevoorrechte creatieve klasse blijft, naast de sinds jaar en dag geïsoleerde volksbuurt Schiemond. Op een ander niveau geldt hetzelfde voor het project ‘De Dichterlijke Vrijheid’. Ook al differentieert dit initiatief het inkomensprofiel van de wijk Spangen, het beperkt zich uiteindelijk strikt tot het Wallisblok en is zo in de markt gezet, dat het slechts aantrekkelijk is voor een specifiek segment qua beroep, inkomen en sociale situatie.

Als er gesproken wordt over een doorstart van Rotterdam als creatieve hoofdstad van Nederland, dan mogen we dus niet vergeten dat de aandacht hierbij eenzijdig uitgaat naar specifieke, uitverkoren vormen van creativiteit. Hiertoe worden groepen, die bovendien doorgaans geen begeleiding behoeven, met aangename en voordelige woon/werkoases bevoordeeld, terwijl de meerderheid voor de bevrediging van hun woonverlangens wordt uitgeleverd aan de markt of een sterk afgeslankt sociaal woningbeleid . Men kan er dan ook moeilijk omheen dat al het trendy gebabbel over het nut en voordeel van creatieve, zelfredzame burgers voor de stad, moet verbergen dat men in de stedelijke praktijk opnieuw uitgaat van een stad ‘met twee snelheden’. Anders gezegd, onder het mom van de creatieve stad wordt een planmodel aanvaardbaar gemaakt dat uitgaat van een klassenverschil.

3. Hoe meer Rotterdam authenticiteit wil uitstralen, hoe meer ze van zichzelf vervreemdt.

Een tweede tegenstrijdigheid inherent aan de creatieve revolutie van Rotterdam, is het feit dat de gepredikte zelfverwerkelijking in feite leidt tot een soort vervreemding. Rotterdam wordt in haar drang te scoren als creatieve stad al enkele jaren overspoeld door een heuse wildgroei aan stadsevenementen. Het begon met het Europese voetbalkampioenschap en Rotterdam Culturele Hoofdstad 2001 en kreeg een vervolg in allerhande dagevenementen zoals de Volvo Ocean Race, Heineken Dance Parade, Fortis Marathon Rotterdam, Bavaria City Racing en ga zo maar door. Het succes van deze evenementen moet in de eerste plaats beoordeeld worden tegen de achtergrond van de ambitie van Rotterdam om de lokale economie te stimuleren. Dat zou Rotterdam minder afhankelijk maken van de havenactiviteiten die vooral gebaseerd zijn op globale kapitaal- en goederenstromen: een onzekere inkomstenbron. Deze evenementen lijken echter vooral een averechts effect te hebben. Immers, de creatieve wonderformules die Rotterdam uit haar hoed tovert, komen niet voort uit haar eigen potentieel, maar zijn nageaapt van andere wereldsteden. Op die manier stellen dergelijke evenementen Rotterdam niet zozeer in staat om zich gedeeltelijk los te koppelen van globale processen, maar herbevestigt en intensiveert het de stedelijke competitie waarin Rotterdam verwikkeld is.

Meer hoopgevende initiatieven zijn evenementen als het Zomercarnaval, waarin Rotterdam de aanwezigheid in haar stad van grote groepen inwoners van Antilliaanse afkomst aanboort. We kunnen ook denken aan de manier waarop ze werkt aan het versterken van het multiculturele potentieel in haar volkswijken als iets ‘positiefs’. Zo krijgen de ondernemers van allochtone afkomst op de Kruiskade en Middellandstraat bijvoorbeeld al enige jaren ondersteuning en begeleiding van de gemeente om hun multiculturele imago uit te spelen als een toegevoegde waarde – eerder dan een negatief stigma. Kortom, het Rotterdamse ontwikkelingsbedrijf heeft authenticiteit hoog in het vaandel staan: elke subcultuur krijgt alle ruimte om zichzelf te blijven en hiermee zijn eigen, vaste stekje te veroveren op het stedelijke toneel.

Deze nadruk van de gemeente op authenticiteit en identiteit lijkt vooral gemotiveerd te zijn om datgene wat door haar concurrenten beschouwd wordt als iets negatiefs – de in groten getale aanwezige burgers van allochtone afkomst – naar voren te halen als iets speciaals, dat een voorsprong geeft in de stedelijke wedloop. De Rotterdammers van allochtone afkomst worden op die manier neergezet als ‘het multiculturele kapitaal’. Dit betekent echter ook dat de begeleiding van multiculturele ondernemers in Rotterdam niet zomaar een teken van onbaatzuchtigheid is van de kant van de gemeente. Eerder is er sprake van een ‘gedesinteresseerde interesse’. Van de multiculturele ondernemers wordt vooral verwacht dat zij zich authentiek gedragen, zoniet dan worden zij daarbij een handje geholpen.

We stuiten hier op een paradoxale situatie: doordat Rotterdam zo krampachtig authenticiteit probeert na te streven, en deze zelfs denkt te kunnen creëren, staat Rotterdam verder van zichzelf af dan nooit. We denken dan niet alleen aan de multiculturele, maar ook aan de creatieve ondernemers van Rotterdam. Hoe meer deze subculturen ingaan op de oproep vooral authentiek te zijn en te blijven, hoe meer ze verstrikt raken in de identiteitspolitiek die Rotterdam vandaag ongenadig uitspeelt. Terwijl de gemeente Rotterdam graag wil doen geloven dat zij met al deze activiteiten de stad ‘teruggeeft’ aan de Rotterdammers, mag het duidelijk zijn dat het in feite vooral om een oppervlakkig engagement met de stad gaat.

4. In Rotterdam is iedereen creatief kapitaal, alleen sommigen méér dan anderen.

Binnen de creatieve theorie bestaat een consensus over de negatieve correlatie tussen creativiteit en oude arbeidersbuurten. Richard Florida, de icoon van het creatieve stadconcept, toont via statistieken aan dat oude arbeiderssteden het traditioneel slecht doen als creatieve milieus, omdat er te veel lokale weerstand zou bestaan tegen de nieuwe vormen van creativiteit. Met name het gebrek aan tolerantie ten aanzien van kunstenaars, homo’s en bohémiens – een tolerantie die naast ‘talent’ en ‘technologie’ deel uitmaakt van de zogenaamde ‘drie T’s’ die Florida als essentieel ziet voor een creatieve stad – zou een flinke rem zetten op de vlotte doorstroming van een stad naar het creatieve tijdperk. Steden die traditioneel grote groepen arbeiders herbergen, zoals Rotterdam, hebben er, althans binnen Florida’s scenario, baat bij om zo snel mogelijk haar oude, hechte arbeiderswijken open te breken en er de bevolkingssamenstelling te veranderen.

Het laatste verklaart de verbetenheid waarmee een stad als Rotterdam de afgelopen jaren flink huishield in haar zogenaamde probleembuurten, zoals Hoogvliet, Spangen en – als alles naar plan verloopt – binnenkort ook Nieuw Crooswijk. Een drievoudige strategie wordt hierbij gehanteerd: het injecteren van ruimdenkende groepen (zoals gebeurd is in het eerder vermelde Wallisblok in Rotterdam), het op gang brengen van doorstroming en sociale mobiliteit binnen de buurt (door succesvolle bewoners voorrang te geven op het verwerven van een woning in de buurt, door succesvolle ondernemers te belonen met managementtrainingen en coachingprogramma’s) en ten slotte het verspreiden van de minder gewenste groepen over het hele stedelijke territorium (binnen stedelijke diensten spreekt men in dit verband van ‘huisvestingsnomaden’: kwetsbare groepen die, naarmate de herstructurering verder oprukt, van de ene naar de andere probleembuurt verscheept worden).

Dat deze zelfkolonisatie niet op hevig verzet stuit, is mogelijk door het te brengen als onderdeel van Rotterdams make-over tot creatieve stad, wat zelfs wordt geponeerd als de enige manier voor Rotterdam om de broek te kunnen ophouden in de nieuwe globale constellatie van stadsregio’s. De herstructureringen van volksbuurten en de bedenkelijke tactieken die daarbij worden toegepast, worden dus gepresenteerd als iets dat, hoe pijnlijk ook voor sommige groepen, niettemin onvermijdelijk is om Rotterdam op een competitieve en duurzame manier in de markt te zetten. Het mag duidelijk zijn dat creativiteit op deze manier nog moeilijk kan doorgaan als een algemeen menselijke waarde, zoals de aanhangers van de creatieve stad ons graag doen geloven. Eerder wordt creativiteit hier aangewend om de stekker te trekken uit elke discussie over de sociale prijs die Rotterdam betaalt voor haar ambitie om een stekje te veroveren op het kampioenenbal van steden.

Tegen deze achtergrond is het helemaal niet verbazend dat Rotterdam sinds haar doorstart als ‘creatieve hoofdstad van Nederland’ tevens de drager is van de meer bedenkelijke titel ‘hoofdstad van populisme’, en dat bevolkingsgroepen in toenemende mate tegenover elkaar komen te staan. We moeten het populistische ongenoegen onder de Rotterdamse bevolking over alle creatieve initiatieven die Rotterdam teisteren uiterst serieus te nemen, eerder dan het af te wimpelen als een opleving van reactionaire opvattingen – een zogenaamde angst voor het Andere, het onconventionele, enzovoorts. Het moet integendeel gezien worden als een gerechtvaardigd verzet tegen de manier waarop het creatieve hoofdstad-beleid over de hoofden van de grootste groep Rotterdammers heen bekokstooft wordt en voor hen volledig ontoegankelijk blijft.

5. Een creatief Rotterdam? Nee, bedankt.

Hoe moet een progressief project zich verhouden tot deze creatieve klassenstrijd? Gezien het gemak waarmee zowel populistische als progressieve partijen verstrikt raken in de manipulaties rond het door en door neoliberale project van ‘Rotterdam creatieve stad’, lijkt het ons meer aangewezen om te pleiten voor een oncreatieve stad. Een dergelijke beweging zal uiteraard op heftige verontwaardiging stuiten en vast en zeker weggezet worden als onconstructief, te negatief, et cetera. Niettemin betogen wij dat alleen hiermee een weerwoord geboden kan worden aan het ideologische offensief, waarmee de creatieve stad vandaag wordt gepusht als een ideaalmodel dat je moet nastreven om allerlei sociale en economische stedelijke implosies te voorkomen. Elke discussie over een alternatieve, meer democratische en niet economisch gestuurde invulling van een creatieve stad wordt hiermee op arrogante wijze onmogelijk gemaakt. Hoe zit het immers met de creativiteit van de vele, halflegale Oost-Europese arbeiders die de bouw van onze woon/werkoases betaalbaar houden; de creativiteit van grote groepen jonge Nederlanders van Antilliaanse afkomst die elke ontplooiing ontzegd wordt en van de modale Rotterdammer die in de positie van passieve consument gedrongen wordt? Onze stelling is dat alleen een radicaal afwijzende geste tegenover de huidige, neoliberale manipulatie van creativiteit ruimte schept voor een progressieve verbeelding van Rotterdam als creatieve stad.

References

Dit artikel is een bewerking van het essay ‘Pleidooi voor een oncreatieve stad’, dat een onderdeel vormde van Neo-Beginners, een tentoonstelling van Reinaart Vanhoe in TENT. Centrum voor Beeldende Kunst Rotterdam, september 2006.

Gepubliceerd in: Metropolis M, 28 (1), pp. 27-31